vilderij


Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • vil·de·rij
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord vilderij vilderijen
verkleinwoord

Zelfstandig naamwoord

vilderij v [1]

  1. bedrijf waar dieren van hun huid worden ontdaan
Vertalingen

Gangbaarheid

52 % van de Nederlanders;
58 % van de Vlamingen.[2]


Verwijzingen