toepassen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • toe·pas·sen
Woordherkomst en -opbouw
stamtijd
onbepaalde
wijs
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
toepassen
paste toe
toegepast
zwak -t volledig

Werkwoord

toepassen

  1. overgankelijk in de praktijk brengen
    • Voor jullie zal ik met twee maten meten en de regels soepel toepassen. 
  2. overgankelijk gebruiken
    • Ik ga nu even deze techniek toepassen. 
     Voor mij was dat mijn ‘Nazareth blue’ Kufiya-sjaal (ook wel bekend als de Arafat-sjaal) die ik als waszak, zwemhanddoek, slaaplaken en sjaal tegen zon en wind kon toepassen.[1]
Afgeleide begrippen
Verwante begrippen
Vertalingen

Gangbaarheid

99 % van de Nederlanders;
100 % van de Vlamingen.[2]

Verwijzingen

  1. Tim Voors “Alleen, De Pacific Crest Trail te voet van Mexico naar Canada”, eBook: Mat-Zet bv, Soest (2018), Fontaine Uitgevers  
  2.   Weblink bron Gearchiveerde versie “Word Prevalence Values” op ugent.be