Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • sek·ser
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord sekser seksers
verkleinwoord - -

Zelfstandig naamwoord

sekser m

  1. (beroep)(veeteelt) iemand die vaststelt welk geslacht jonge dieren hebben
    • (…) de hanen van de hennetjes te onderscheiden. Daarvoor heeft de fokker de hulp nodig van een sekser. [2]

Gangbaarheid

45 % van de Nederlanders;
47 % van de Vlamingen.[3]

Meer informatie

Verwijzingen