schoolverlater

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • school·ver·la·ter
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord schoolverlater schoolverlaters
verkleinwoord schoolverlatertje schoolverlatertjes

Zelfstandig naamwoord

schoolverlater m

  1. iemand die de schoolbanken vaarwel zegt, gewoonlijk om de arbeidsmarkt te betreden
    • Hij was een voortijdige schoolverlater, maar heeft het ver geschopt. 


Gangbaarheid