vervoeging van
reñir

riña

  1. aanvoegende wijs eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd (presente) van reñir
  2. aanvoegende wijs derde persoon enkelvoud tegenwoordige tijd (presente) van reñir
  3. gebiedende wijs (bevestigend en ontkennend) derde persoon enkelvoud tegenwoordige tijd (presente) van reñir