Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • rei·ne

Bijvoeglijk naamwoord

reine

  1. verbogen vorm van de stellende trap van rein

Gangbaarheid

93 % van de Nederlanders;
86 % van de Vlamingen.[1]

Verwijzingen

  1.   Weblink bron Gearchiveerde versie “Word Prevalence Values” op ugent.be


Frans

Uitspraak
Woordherkomst en -opbouw
  • Van het Latijnse regina over het Oud-Franse reina naar reine.
  enkelvoud meervoud
zonder lidwoord met lidwoord zonder lidwoord met lidwoord
mannelijk   roi     le roi     rois     les rois  
vrouwelijk   reine     la reine     reines     les reines  

Zelfstandig naamwoord

reine v

  1. (regering) (adel) koningin


Noors

Woordafbreking
  • rei·ne
Naar frequentie 14799

Bijvoeglijk naamwoord

reine, m / v / o

  1. bepaalde vorm enkelvoud van de stellende trap van rein

reine, mv

  1. onbepaalde en bepaalde vorm meervoud van de stellende trap van rein
Schrijfwijzen


Nynorsk

Woordafbreking
  • rei·ne

Bijvoeglijk naamwoord

reine, m /v / o

  1. bepaalde vorm enkelvoud van de stellende trap van rein

reine, mv

  1. onbepaalde en bepaalde vorm meervoud van de stellende trap van rein


Spaans

Werkwoord

vervoeging van
reinar

reine

  1. aanvoegende wijs eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd (presente) van reinar
  2. aanvoegende wijs derde persoon enkelvoud tegenwoordige tijd (presente) van reinar
  3. gebiedende wijs (bevestigend en ontkennend) derde persoon enkelvoud tegenwoordige tijd (presente) van reinar