Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • noord
Woordherkomst en -opbouw
  • In de betekenis van ‘windstreek’ voor het eerst aangetroffen in 790 [1]
  • Mogelijk van Proto-Indo-Europees *ner- (links). Dit omdat het noorden links ligt, wanneer men naar de opgaande zon kijkt. Mogelijk ook van niet-Indo-Europese herkomst.

Bijwoord

noord

  1. (windstreek) in de richting van de pool die in de Noordelijke IJszee gelegen is
    • De wind draaide van noord naar west. 
Gelijkklinkende woorden
Antoniemen
Afgeleide begrippen

standaardafleidingen:NoordnoordelijknoordenNoordennoorder (noordenwind)

Verwante begrippen
Vertalingen

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders;
99 % van de Vlamingen.

Meer informatie

Verwijzingen


Afrikaans

Uitspraak

Bijwoord

noord

  1. (windstreek) noord