leerwaren

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • leer·wa·ren
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord - leerwaren
verkleinwoord - -

Zelfstandig naamwoord

leerwaren mv

  1. van leer gemaakte artikelen
Synoniemen

Gangbaarheid

84 % van de Nederlanders;
66 % van de Vlamingen.[1]

Verwijzingen

  1.   Weblink bron Gearchiveerde versie “Word Prevalence Values” op ugent.be