gramatika

Baskisch

Zelfstandig naamwoord

gramatika

  1. grammatica


Kasjoebisch

Zelfstandig naamwoord

gramatika v

  1. grammatica


Slowaaks

Uitspraak
  • IPA: /gramatɪka/
Woordherkomst en -opbouw

Zelfstandig naamwoord

gramatika v

  1. (grammatica) grammatica
Afgeleide begrippen
Verwante begrippen

Meer informatie


Tsjechisch

Uitspraak
  • IPA: /ɡramatɪka/
Woordafbreking
  • gra·ma·ti·ka
Woordherkomst en -opbouw

Zelfstandig naamwoord

gramatika v

  1. (grammatica) grammatica
    «Matika jí šla nějak sama od sebe, každopádně se člověk nemusí učit žádná slovíčka a gramatiku
    Wiskunde ging voor haar als vanzelf, in ieder geval hoeft men geen woordjes en grammatica te leren.
Verbuiging
Synoniemen
Afgeleide begrippen
Verwante begrippen

Meer informatie

Verwijzingen