Nederlands

 
1. dorade
Uitspraak
Woordafbreking
  • do·ra·de
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord dorade doraden
dorades
verkleinwoord

Zelfstandig naamwoord

dorade v/m

  1. (vissen) Sparus aurata   eetbare witte zeevis
    • Wel ziet hij dat er Het Kanaal steeds meer vissoorten aankomen die kenmerkend waren voor warmer water zoals de dorade. "En op termijn zal het hier te warm worden door de zo gewaardeerde kabeljauw. Maar dat zijn langzame processen, waarvan de onmiddellijke effecten voor de consument gebufferd zullen worden door de oh zo mobiele visserij." [3] 
  2. (voeding) spierweefsel afkomstig van Sparus aurata  
    • Op de huid gebakken dorade, daarbij een aardappel-citrus mousseline, voorjaarsgroenten, chips van truffelaardappel en saffraansaus. [4] 
Synoniemen
Opmerkingen
Vertalingen

Gangbaarheid

70 % van de Nederlanders;
76 % van de Vlamingen.[5]

Meer informatie

Verwijzingen