doodvonnis

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • dood·von·nis
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord doodvonnis doodvonnissen
verkleinwoord doodvonnisje doodvonnisjes

Zelfstandig naamwoord

doodvonnis o

  1. (juridisch) vonnis waarbij iemand tot de doodstraf wordt veroordeeld
    • Een doodvonnis mag alleen voor de ernstigste misdrijven worden uitgesproken. 
    • De moordenaar zat in de gevangenis waar hij de voltrekking van zijn doodvonnis afwachtte. 
  2. (figuurlijk) fatale wending
    • De diagnose kanker staat niet automatisch gelijk aan een doodvonnis. 
Verwante begrippen
Vertalingen

Gangbaarheid

99 % van de Nederlanders;
96 % van de Vlamingen.[1]

Meer informatie

Verwijzingen

  1.   Weblink bron Gearchiveerde versie “Word Prevalence Values” op ugent.be