bovengronds

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • bo·ven·gronds
Woordherkomst en -opbouw
stellend vergrotend overtreffend
onverbogen bovengronds bovengrondser bovengrondst
verbogen bovengrondse bovengrondsere bovengrondste
partitief bovengronds bovengrondsers -

Bijvoeglijk naamwoord

bovengronds

  1. het boven de grond zijn van iets
    • De bovengrondse Amsterdamse metro kun je misschien beter stadsspoorweg noemen. 

Gangbaarheid

99 % van de Nederlanders;
98 % van de Vlamingen.[1]

Verwijzingen

  1.   Weblink bron Gearchiveerde versie “Word Prevalence Values” op ugent.be