aalscholver

aalscholver

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • aal·schol·ver
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord aalscholver aalscholvers
verkleinwoord aalscholvertje aalscholvertjes

Zelfstandig naamwoord

aalscholver m [3]

  1. (vogels) een pelikaanachtige en visetende zwarte watervogel van het geslacht Phalacrocorax   die na een duik zijn vleugels moet laten drogen
Synoniemen
Hyponiemen
Vertalingen

Gangbaarheid

92 % van de Nederlanders;
87 % van de Vlamingen.[4]

Meer informatie

Verwijzingen