verheugen: verschil tussen versies

129 bytes toegevoegd ,  11 jaar geleden
geen bewerkingssamenvatting
k (Links fix AWB)
{{-nlstam-|verheugen|verheugde|verheugd||||{{nlzwak-d}}}}
'''{{pn}}'''
#{{refl}} ''zich ~'': blijdschap ervaren.
#:''Hij '''verheugde zich''' enorm toen zij onverwachts belde.''
#{{refl}} ''zich ~ op'': reikhalzend uitzien naar iets.
#:''Hij '''verheugde zich op''' haar aangekondigde bezoek.''
#{{ov}} ''iemand ~'' vreugde bereiden
{{bijv-1|Hij '''verheugde''' zijn moeder met een onverwacht bezoekje.}}
{{-trans-}}
{{trans-top|1. ''zich ~'': blijdschap ervaren}}
92.122

bewerkingen