verheugen: verschil tussen versies

188 bytes toegevoegd ,  12 jaar geleden
Updte
k (syll)
(Updte)
{{=nld=}}
{{-pron-}}
:*{{sound}}: {{audio|nl-zich verheugen{{pn}}.ogg|zich verheugen{{pn}}}}
{{-etym-}}
:afgeleid*Afgeleid van [[heugen]] {{suff|ver-}}
{{-syll-}}
:*ver·heu·gen
{{-verbrepverb-}}
{{-nlstam-|zich verheugen|verheugde zich|zich verheugd||||{{nlzwak-d}}}}
'''verheugen{{pn}}'''
# ''zich ~'': blijdschap ervaren.
#: ''Hij '''verheugde zich''' enorm toen zij onverwachts belde.''
# ''zich ~ op'': reikhalzend uitzien naar iets, zich bij voorbaat verheugen.
#: ''Hij '''verheugde zich op''' haar aangekondigde bezoek.''
 
{{-trans-}}
{{trans-top|1. ''zich ~'': blijdschap ervaren}}
:*{{engdeu}}: [[rejoice]]{{trad|de|sich freuen}}
*{{eng}}: {{trad|en|rejoice}}, {{trad|en|be glad}}
:*{{pap}}: [[alegrá]]
{{trans-mid}}
*{{fra}}: {{trad|fr|se réjouir}} ''(de)''
*{{spa}}: {{trad|es|alegrarse}}
{{trans-bottom}}
{{trans-top|2. bij''zich voorbaat~ op'': reikhalzend uitzien naar iets}}
:*{{eng}}: [[{{trad|en|look outforward to]]}}
{{trans-mid}}
*{{spa}}: {{trad|es|ilusionarse con}}
{{trans-bottom}}
 
[[fr:verheugen]]
57.946

bewerkingen