Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • ra·clet

Werkwoord

vervoeging van
racletten

raclet

  1. enkelvoud tegenwoordige tijd van racletten
  2. gebiedende wijs van racletten

Gangbaarheid

64 % van de Nederlanders;
68 % van de Vlamingen.[1]

Verwijzingen

  1.   Door archive.org gearchiveerde versie van 21 oktober 2019 “Word Prevalence Values” op ugent.be