behoefte

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • be·hoef·te
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord behoefte behoeften, behoeftes
verkleinwoord (behoeftetje) (behoeftetjes)

Zelfstandig naamwoord

behoefte v

  1. iets wat benodigd is
    Ik kan mezelf niet in eigen behoeften voorzien.
Uitdrukkingen en gezegden

behoefte aan iets hebben

Vertalingen

Meer informatie

Gewijzigd op 20 apr 2013 om 14:07